nlenfrde

Hoe een Twentse vader verstrikt raakt in een strijd met jeugdzorg over zijn dochtertje

ENSCHEDE - De jeugdzorg in Enschede laat steken vallen. Dat beweert juriste Soraya Soer. Aanleiding voor die beschuldiging is de ondertoezichtstelling door de rechter van een tweejarig meisje.

Of hij naar het politiebureau in Enschede wilde komen voor een gesprek. Wilfried Middelhuis haalde het niet eens. „Op weg er naartoe werd ik vastgereden door twee politiewagens. Ik moest onmiddellijk meekomen. Ik zou mijn vriendin hebben bedreigd en haar naar het leven hebben gestaan.”

Aanleiding was een akkefietje met zijn vriendin. De twee woonden niet bij elkaar, maar deelden de zorg over hun dochtertje.

„Wanneer dat fout liep? Dat weet ik nog precies: 14 september 2019. Ik belde mijn vriendin aan het einde van de middag om langs te komen, maar zij en ons dochtertje lagen nog in bed. Toen ik er ’s middags heen ging nog steeds. Ze gebruikte al langer softdrugs en was helemaal van de kaart.” 

Een paar dagen later escaleerde het, toen Middelhuis het meisje weer eens ophaalde. „Er leek niets aan de hand. Maar toen ik haar in de auto had gezet en even terug ging om nog wat op te halen, was mijn vriendin helemaal van de wereld. Ze hoorde me niet eens. Toen ik haar op de schouder tikte, schrok ze zich kapot en wierp ze zich op mij. Ja, toen heb ik haar wel van me af geduwd. Maar daarna ben ik rustig weggegaan.” De volgende middag volgde de confrontatie met de politie.

De moeder zelf wil helemaal niet op de kwestie in gaan.

Sleutel inleveren

Omdat een agent constateerde dat de moeder softdrugs had gebruikt, raakten Veilig Thuis Twente (VTT) en het wijkteam West van de gemeente Enschede bij de zaak betrokken. Het meisje werd tijdelijk ondergebracht bij haar tante. Middelhuis moest direct de sleutel van het huis van zijn vriendin inleveren. Er werd een ‘adempauze’ van tien dagen ingelast. „Bij dat besluit waren we zelf niet betrokken, dat was een beslissing van de wijkcoaches.”

Na de adempauze kwam het meisje bij haar vader wonen en mocht de moeder, onder begeleiding van een wijkcoach, haar dochter wekelijks een uurtje zien. Dat ging niet altijd goed, in de ogen van Middelhuis. „Het gebeurde meerdere keren dat ik mijn dochter kwam ophalen en meteen kon ruiken dat haar luier niet was verschoond. De moeder wilde dat niet, want zij had maar een uurtje, en de wijkcoach vond het niet zijn taak.” 

De 59-jarige Enschedeër sprak de coach er op aan. „Hij wilde er niets van weten. Hij had pauze en liep weg. Zonder een overdracht naar mij toe, waartoe hij wel verplicht was. Toen ben ik achter hem aangegaan en heb ik hem op straat aangesproken. Daar was hij niet van gediend.”

Het gebrek aan goede overdracht en nazorg is een van de klachten van juriste/mediator Soraya Soer. Zij heeft een reeks klachten tegen Enschedese wijkcoaches ingediend. 

Drugs en agressie

Er volgde een tweede melding bij VTT: over drugsgebruik van de moeder en agressief gedrag van de vader. Het kind zou uit huis worden geplaatst, maar het crisisteam van Veilig Thuis besloot anders. Het meisje mocht bij haar vader blijven. Op aandringen van zijn juriste Soer, zo zegt de vader. VTT gaat hier niet op in, de instantie reageert nooit op specifieke gevallen.

Daarmee was de zaak nog niet klaar. Er moest een plan van aanpak komen, in samenwerking met wijkteam en Veilig Thuis. Het was een moeizaam proces, zegt juriste Soer. „Het leek af en toe wel een kindercrèche. Van enige samenwerking was geen sprake. En steeds werd er iets aan toegevoegd, zonder dat het besproken was met een van de ouders.”

Op aandringen van de wijkcoach werd ook Jarabee erbij gehaald, de stichting voor jeugdzorg in Twente. „Op zich prima”, zegt Middelhuis. „Maar er werd een afspraak gemaakt op een moment dat ik vanwege het werk absoluut niet kon. ‘Maar ik hoefde er ook niet per se bij te zijn’, zeiden ze. Ja, hallo. Het ging over mijn dochter hoor.”

Steeds een smoes

Op dat moment besloot het wijkteam om de Raad voor de Kinderbescherming in te schakelen. Dat was december vorig jaar. Eind januari zou het onderzoek klaar zijn. „Ondertussen deed niemand meer wat”, zegt Soer. „Niet richting vader, en niet richting moeder. Terwijl zij echt hulp nodig had en heeft.” Ze had ook geen of nauwelijks meer contact met het dochtertje. „Steeds was er een smoes.” 

Uiteindelijk was er in mei een zitting bij de kinderrechter. Vanwege corona gebeurde dat online. Vraag was of het meisje onder toezicht moest komen. Waar Middelkamp op zich blij mee was, omdat hij dat als een middel zag om het contact tussen moeder en dochter te herstellen. „Maar we waren het er ook mee oneens, omdat er geen wettelijke grond voor was”, zegt Soer. „Bovendien klopte de informatie over de moeder en vader van geen kant, omdat er gesproken was met informanten die nergens van wisten.” 

Jaar onder toezicht

De rechter ging grotendeels mee in het verhaal van Middelhuis. Ook hij vond dat een eventuele maatregel er vooral op gericht moest zijn om het contact tussen moeder en kind te herstellen. Toch stelde hij het meisje voor de duur van een jaar onder toezicht. Bij zo’n OTS blijft het kind bij een van zijn ouders wonen, maar wordt het gezag van de ouders beperkt. Een zogenoemde gecertificeerde instelling, zoals Jeugdbescherming Overijssel (JbOv) en het Leger des Heils, houdt toezicht.

De maatregel leidde tot verbijstering bij Soer en Middelhuis, die op basis van de zitting uitgingen van een voorlopige ondertoezichtstelling (VOTS) van drie maanden. Volgens de juriste is er zelfs sprake van een fout van de griffie van de rechtbank. Dat wordt door de rechtbank ontkend. „De rechter heeft het advies van de Kinderbescherming gevolgd”, aldus een woordvoerder. „Daarbij heeft hij ook aangegeven dat de OTS voortijdig kan worden beëindigd als het contact tussen moeder en kind is hersteld. Daarin zit vermoedelijk het misverstand.”

Zo weinig mogelijk inmenging

Soer laat het er hoe dan ook niet bij zitten. Ze stapt naar het Gerechtshof om de OTS van tafel te krijgen. „De vader, Wilfried Middelhuis, zit niet te wachten op toezicht van een jaar. Hij wil zo weinig mogelijk inmenging van de overheid in zijn leven. En hoe langer die duurt, hoe groter het risico dat deze maatregel tegen je wordt gebruikt en je aan het einde van het liedje je kind kwijt bent.”

Dat gevoel wordt versterkt, doordat Jeugdbescherming Overijssel volgens Soer en Middelhuis ook geen stap verder komen met de moeder. Die kreeg op aandringen van Middelhuis de taak het toezicht uit te voeren in plaats van het Leger des Heils, waar de vader slechte ervaringen mee had. Na een conflict met die instantie zag hij de band met een zoon uit een eerdere relatie verwateren. 

„Maar Jeugdbescherming zit inmiddels ook alweer aan de vijfde en zesde jeugdbeschermer. Dat schiet dus niet op”, zegt Soer. „En nu is het vakantie en ligt het helemaal stil. Dit gaat zo dus nooit goed komen.”

Ingevoegd:

Onze wijkcoaches zijn allemaal professionals

Ineke Kleine, clustermanager van de wijkteams in Enschede, kan in verband met de privacy niet ingaan op de zaak van Wilfried Middelhuis. Zij kan alleen in algemeenheid over ingediende klachten praten.

Dat haar wijkcoaches dreigen met het uit huis laten plaatsen van een kind, kan ze in ieder geval niet geloven. „Misschien dat ouders soms denken dat te horen. Maar het zijn hier allemaal professionals. Dat soort dingen zeggen ze niet.”

Inzet bij eventuele klachten is altijd om een persoonlijk gesprek aan te gaan. Dat gebeurt, in zaken rond jeugdzorg, zo’n zes, zeven keer per jaar. In ongeveer de helft van alle zaken wordt er, veelal op verzoek van een of allebei de ouders, een andere wijkcoach op de zaak gezet.

Dat is volgens Kleine ook bij Middelhuis een keer gebeurd. „Maar alleen als er sprake is van redelijkheid”, zegt Kleine. „Bijvoorbeeld om met een schone lei aan een nieuwe fase in het proces te beginnen. Nooit om helemaal opnieuw te beginnen.”

Uitgangspunt is altijd om er samen uit te komen, in belang van het kind. Kleine heeft veel vertrouwen in de jeugdbeschermingstafels, een overleg met alle betrokken hulpverleners, ouders en (als dat kan) kinderen. „Die werken goed. Omdat er dan niet alleen over ouders wordt gesproken, maar die er ook bij zitten.”

Dat de jeugdzorg in het algemeen onder druk staat, wil Kleine niet ontkennen. „Wat je in ieder geval niet wil, is dat er te laat wordt ingegrepen als de veiligheid van een kind in het geding is. Met name vechtscheidingen zijn moeilijk vroegtijdig te herkennen. Daarin moeten we investeren”, zegt de clustermanager. „Honderd procent grip op jeugdzorg kan niet. Het is taai en een ingewikkeld stelsel.” 

(bron: Michel Hasselerharm, Tubantia, 25 juli 2020) 
https://www.tubantia.nl/enschede/hoe-een-twentse-vader-verstrikt-raakt-in-een-strijd-met-jeugdzorg-over-zijn-dochtertje~afd8ef05/?fbclid=IwAR2y-in4Q1doSs1Ka0LIyaFhELZWY_C_bznC2w4Tj8HjCJ9paz5CWUU9kYQ&referrer=https://www.facebook.com/